De dodaars: een levend badeendje

Vergeleken bij deze jonge dodaars zijn wij mensen maar onbeholpen stumpers. Nauwelijks twee maanden oud is dit kleine familielid van de fuut. Toch is hij al volledig onafhankelijk van zijn ouders. Hij kan duiken, vliegen en voor zijn eigen eten zorgen, terwijl wij mensen vaak tientallen jaren nodig hebben om enigszins tot volwassenheid te geraken. En dan nog…
Dodaars kck 090915
Het snel onafhankelijk worden van de jonge dodaars biedt de ouders de gelegenheid aan een tweede of zelfs derde broedsel te beginnen. Dat mag ook wel, want reigers en andere rovers weten wel raad met zo’n smakelijk hapje. Een dodaars die zijn beproefde onsnappingsstrategie toepast en bij het minste gevaar onder water duikt, kan daar weer in de muil van een snoek belanden. Net als deze roofvis houdt de dodaars van niet te diep helder water met de nodige plantengroei. Het vogeltje vindt zijn voedsel, dat bestaat uit slakjes, visjes en andere kleine waterdieren op gezicht. Doordat het oppervlaktewater op een aantal plaatsen weer wat helderder wordt zou de dodaars in aantal toe kunnen nemen.
Hoe snel de dodaars ook zelfstandig wordt, voortplanten doet hij zich pas na de winter in het nieuwe broedseizoen. Alles moet snel. Het paringsritueel, dat bij andere futensoorten eindeloos kan duren neemt bij de dodaars weinig tijd in beslag. Het tussen de beschermende vegetatie gebouwde “drijvende” nest wordt deels samengesteld uit rottende plantendelen. Het rottingsproces zorgt voor warmte, waardoor de broedtijd niet te lang wordt.
Door zijn schuwheid ontsnapt de dodaars gemakkelijk aan onze aandacht. Bovendien lijkt hij in de zomer op een afstand net een jong eendje. Alleen in strenge winters, wanneer hij door de vorst gedwongen wordt het wijde open water op te zoeken wil hij nog wel eens opvallen tussen de andere watervogels. “Ach kijk, een jong eendje,” kun je dan vaak horen. “Hoe kan dat nou, midden in de winter…?”