Een wereldreiziger: de distelvlinder

Een paar keer was ik de distelvlinder de afgelopen jaren in het Bentwoud tegengekomen. Het maken van een bruikbare foto lukte echter steeds niet. Het dier is erg wantrouwig en bovendien sterk en snel. In luttele seconden kan hij uit het zicht verdwenen zijn. Dat mag ook wel, gezien zijn leven als trekvlinder. In het voorjaar komen de distelvlinders naar onze streken vanuit Zuid-Europa en Afrika. Hierbij maken ze handig gebruik van de wind. Deze moet uiteraard wel de goede kant op waaien, zodat het aantal distelvlinders enorm kan variëren.
Distelvlinder
Het schijnt dat een invasie van distelvlinders vaak samengaat met het onze kant op waaien van Saharazand. Dit fijne, zand kan soms als een roodbruin stoflaagje op auto’s, buiten hangend wasgoed etc. worden waargenomen. De distelvlinder plant zich in het noorden voort, maar ook onderweg kan de vlinder zich al voortplanten. In het najaar is het zaak terug te vliegen naar warme streken. Zowel de rupsen als het volwassen dier overleven een noordelijke winter niet. De afstanden die worden afgelegd zijn enorm voor zo’n klein diertje. Ook op IJsland is de distelvlinder waargenomen en ooit las ik dat hij soms even uitrust op schepen die op volle zee varen.
Begin juni waren er in het Bentwoud plotseling enorm veel distelvlinders. Ze zijn waarschijnlijk hier geboren want ze zagen er stuk voor stuk fris en onbeschadigd uit. Merkwaardig was dat het fotograferen heel makkelijk ging. De nectar uit de rode klaver waarvan ze snoepten was blijkbaar zo lekker dat ze voor gevaar even geen oog hadden.