Het verborgen liefdesleven van de akkerpest

Elk voorjaar weer steken vreemde plantjes de kop op. Ze zien een beetje bleek en hebben iets weg van paddenstoelen. Een steel met een kopje er bovenop. Ze hebben nog iets dat aan paddenstoelen doet denken. Wie voorzichtig tegen zo’n kopje tikt zal er soms een wolkje vanaf zien komen. Dit zijn sporen.
Heermoes kck 200415
Veel planten die wij kennen adverteren vrijelijk met hun voortplantingsorganen, die wij kennen als bloemen. Gelokt door fraaie kleuren en verleidelijke geuren helpen insecten het stuifmeel van meeldraad naar stamper te brengen, waarna de plant zaad kan vormen en met wat geluk nageslacht voort brengt.
Sporenaar heermoes kck 200415
Bij dit plantje, dat Heermoes heet en behoort tot de familie der paardenstaarten gaat het er wat minder opzichtig aan toe. Het behoort tot de cryptogamen, de “ in het verborgene huwenden”. Wanneer de wind een spore heeft doen belanden op een gunstige plek kan hieruit een zogeheten voorkiem of prothallium groeien. Dit is een schijfje van slechts enkele millimeters groot, dat aan de onderzijde zaad- en eicellen vormt. Bij nat weer zwemmen de zaadcellen met behulp van een zweepstaartje naar de eicellen toe, die na te zijn bevrucht kunnen uitgroeien tot een nieuwe plant. Het wordt nog gekker. De heermoesplanten met de sporenkopjes hebben niets weg van een paardenstaart. Wanneer ze echter verdord en bijna verdwenen zijn komen de echte paardenstaarten de grond uit zetten. Akkerpest noemen de boeren het. De wortels gaan soms een meter diep en elk stukje wortel dat door spade of ploeg wordt afgesneden vormt vrolijk weer een nieuwe plant. Niet uit te roeien!
heermoes

Bron: wikipedia
Natuurleven in Nederland / J.P. van Blijdestijn / J.B. Wolters Groningen 1964